Ontwikkellijn

De Noordwijkse methode

Een vernieuwend en toekomstbestendig ontwikkelconcept waarbij ontdekken en verwonderen de kernwoorden zijn.

Vanuit het ontwikkelrecht van kinderen en omdat onze veranderende wereld om nieuwe kennis en vaardigheden vraagt werken we met De Noordwijkse Methode.

Dit is een vernieuwend en toekomstbestendig ontwikkelconcept, waarbij ontdekken en verwonderen de kernwoorden zijn. Wij passen dit toe in alle groepen van ons kindcentrum, van peuter tot puber.

Dat betekent dat de kinderen in de ochtend aan de slag zijn met het gestructureerd aanleren van rekenen, taal en lezen met begeleiding van hun eigen leerkracht. ‘s Middags gaan ze met specialisten aan de hand van een overkoepelend thema in ateliers aan de slag. Ze krijgen daarbij een breed aanbod van vakken. Naast aardrijkskunde, biologie en geschiedenis is er een atelier voor kunst, muziek, techniek, koken, ict en sport. Door de natuurlijke nieuwsgierigheid van kinderen te prikkelen en hen aan te moedigen eigen vragen te stellen, worden ze kritische denkers in alle opzichten. Daar hebben ze hun hele leven baat bij.

De Noordwijkse Methode in 7 vragen

De Noordwijkse Methode is gebaseerd op inzichten over de hersenen en het leren. Het blijkt dat kinderen veel effectiever en efficiënter kunnen leren als je de stof naast de traditionele manier, ook op andere wijzen aanbiedt. Het doel van De Noordwijkse Methode is om elk kind te laten schitteren met zijn talenten en een positieve bijdrage te laten leveren aan zijn wereld. Daarom biedt De Noordwijkse Methode de kinderen een basis waarmee zij na het basisonderwijs alles kunnen kiezen dat aansluit bij hun mogelijkheden.

Gedurende ongeveer elf weken staat een thema centraal. Per thema kiezen de leerkrachten een vakgebied dat past bij hun kennis en expertise. De kinderen krijgen niet alleen onderwijs van hun groepsleerkracht, maar ook van de andere leerkrachten. Gedurende het thema doorlopen alle kinderen vanaf groep 3 alle vakken. Op de vrijdagmiddagen werken de kinderen van verschillende leeftijden bij elkaar aan keuzeateliers. Zo kunnen ze zich verdiepen in vakken of projecten die hun directe belangstelling hebben.

De leerkrachten stellen zelf hun lessen samen op basis van de kerndoelen van het basisonderwijs die de overheid heeft vastgesteld. Vanuit zo’n leerdoel zoekt de leerkracht een tekst, filmpje, excursie of vertelt een verhaal, zodat een kind nieuwe kennis tot zich kan nemen. Wij leren kinderen nadenken over hun eigen mening over de aangeboden informatie. Zij passen denkstrategieën toe om de nieuwe kennis te verwerken. Hiervoor gebruiken we Denkbubbels als onderdeel van het ‘Fundamenteel Leer Model’. Leerkrachten ontwerpen binnen dit model hun lessen. Zo leren kinderen vanaf jonge leeftijd denkvaardigheden aan waarmee ze kritische denkers kunnen worden met:

  • leren onderzoeken: klopt de informatie, hoe weet ik dat?
  • verbanden leggen: waar heeft dit nog meer mee te maken?
  • perspectief nemen: hoe kijkt iemand anders hier tegenaan?        
  • creatief denken: hoe zou het anders kunnen zijn?
  • waardebepaling: is dit belangrijk en waarom en voor wie? 
  • persoonlijke relevantie: wat heeft dit onderwerp met mijzelf te maken, met de actualiteit? 

Voor elk vak houden we bij welk kennisdoel, inzichtdoel en vaardighedendoel aan bod is gekomen. Een vak wordt afgesloten met een opdracht waarin een kind zichtbaar maakt of het doel bereikt is en wat hij geleerd heeft. Dat kan via een presentatie, een werkstuk of een kennistoets.

Meer dan dat. De kinderen krijgen een brede algemene ontwikkeling en leren zelfs meer dan de overheid verwacht. Zij krijgen een actieve leerhouding, zijn gewend vragen te stellen en mee te denken. Daarnaast krijgen ze inzicht in hun eigen leren en oefenen ze vaardigheden zoals samenwerken, plannen, werkstukken maken en informatie zoeken.

De peuters en kleuters doen mee met de thema’s. Zo worden ze betrokken bij de andere groepen. Zij krijgen daarnaast een ontwikkelaanbod binnen eigen thema's. Er komt meer diepgang en differentiatie in de onderwerpen die zij behandelen en er is meer aandacht voor verschillende vakgebieden door de ateliers op hun eigen niveau.